Logistieke begrippen
Hieronder worden veel voorkomende logistieke begrippen op alfabetische volgorde uitgelegd:
- 1PL (First Party Logistics) De logistieke afhandeling wordt gedaan door het bedrijf dat ook zelf de goederen produceert.
- 2PL (Second Party Logistics) Logistieke dienstverleners die behoren tot het tweede gebied van Logistiek Management (Second Party Logistics). Zij zijn vooral gericht op de overname van de klassieke logistieke taken zoals transport en goederenopslag.
- 3PL (Third Party Logistics) Een Third Party Logistics biedt logistieke diensten aan, maar voert deze niet zelf uit. De 3PL heeft vaak een goed netwerk met (2PL) logistieke dienstverleners die de gevraagde diensten wel aanbieden.
- ADR ADR is kort voor “Accord Européen Relatif au transport international des marchandises Dangereuses par Route”. Dit zijn de voorschriften voor het vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg. Lees meer over ADR.
- Beladingsgraad Het percentage van het beschikbare laadvermogen of laadvolume dat daadwerkelijk wordt benut. Dit kan in afstand uitgedrukt worden (aantal km), in gewicht (kg) of in kubieke meters.
- Blokpallet Een blokpallet (of blok pallet) is een houten pallet die vaak net iets groter is dan een Europallet. De meest gangbare afmeting van een blokpallet is 100 cm x 120 cm, maar er zijn ook andere (minder gebruikelijke) maten.
- Brutogewicht van goederen Het totale gewicht van de te vervoeren goederen, inclusief verpakkingen maar zonder het gewicht van de transporteenheden zoals containers en pallets.
- Bulk Goederen of producten die niet per stuk verpakt worden, maar los in laadruimten worden gestort of worden opgeslagen en/of vervoerd in tanks. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan graan of zout (droge bulk) en bijvoorbeeld olie of wijn (natte bulk). Het vervoer van een dergelijke onverpakte lading wordt bulktransport genoemd.
- Bundels Lange objecten die omwille van hun omtrek niet binnen de standaard collo of colli mogen vallen, worden lengtegoederen of “bundels” genoemd. Een voorbeeld van lengtegoederen zijn buizen, kokers en ladders.
- Cabotage Dit is wanneer een vervoerder uit een EU-land goederen vervoert tussen twee plaatsen binnen de grenzen van een andere EU-lidstaat. Niet iedere vervoerder of transporteur kan dit doen, want hiervoor heeft hij een speciale (communautaire) vergunning nodig. Cabotagevervoer is dus in principe binnenlands vervoer, maar wel uitgevoerd door een voertuig dat in een ander land geregistreerd staat.
- CMR CMR staat voor “Convention Relative au Contrat de Transport International de Marchandises par Route” en ander woord voor vrachtbrief. In dit document staan alle gegevens in met betrekking tot het goederentransport en de CMR moet dan ook altijd aanwezig zijn in het voertuig tijdens het transport.
- Code 95 De Code 95 is verplicht voor het besturen van een voertuig waarbij rijbewijs C(E) of D(E) nodig is. Deze code staat aangegeven op het rijbewijs van de chauffeur waarmee deze aangeeft vakbekwaam te zijn.
- Collo / Colli Een pakket of verpakkingseenheid van goederen die als geheel verzonden wordt. Colli is het meervoud van collo.
- Consolidatie Het combineren van diverse vrachten in één verzending om zo te besparen op de transportkosten. In het wegtransport en in de zee- en luchtvracht, wordt dit ook wel groupage genoemd.
- Container Een speciale bak voor het vervoeren van vracht. De bak is stevig en stapelbaar. Een bekend voorbeeld van een container is een zeecontainer. De meeste containers zijn 20 voet of 40 voet lang bij 8 voet hoog, maar ook andere hoogtes worden steeds gebruikelijker zoals 45, 48 en 53 voet lang. De maximale hoogte is 9,5 voet. Het vervoeren van containers over de weg, wordt container trucking (of gewoon container transport) genoemd. Lees meer over container transport / container trucking.
- Cross dock Kostenbesparend platform waarbij goederen direct vanaf het losdock naar het laaddock gaan, zonder deze eerst op te slaan. Hierdoor zijn er lagere transport- en voorraadkosten.
- Dieplader Een bepaald type oplegger die gebruikt wordt voor het transport van hoge (ondeelbare) voorwerpen. De laadruimte is extra laag bij de grond, zodat een hogere lading meegenomen kan worden. Er wordt meestal voor een dieplader gekozen wanneer het transport met een gewone oplegger hoger zal zijn dan toegelaten door het verkeersreglement of wanneer er problemen kunnen optreden bij het onder doorrijden van bruggen.
- Distributievervoer Het logistieke proces van het (laten) ophalen van goederen van één of meerdere afhaaladressen die vervolgens naar afleveradressen worden gebracht. Eventueel worden de goederen tussentijds opgeslagen of naar een distributiecentrum gebracht waar de overslag en groupage plaatsvindt.
- Dock / laad- en losdock Een plaats in of tegen een gebouw waar een vrachtwagen kan laden en lossen. Hierbij is de laadruimte van de vrachtwagen vaak op dezelfde hoogte als de vloer van het dock, zodat er direct geladen en/of gelost kan worden.
- Doorvoer De goederenstroom die op weg van het ene naar het andere land over Nederlandse grond wordt vervoerd, maar in het bezit blijft van het buitenland. De doorvoer maakt dan geen deel uit van de Nederlandse invoer en uitvoer.
- EDI (Electronic Data Interchange) Een standaard voor het elektronisch uitwisselen van bepaalde bedrijfsdocumenten. Hierbij kan gedacht worden aan orders, rekeningen en bevestigingen. Omdat de documenten moeten voldoen aan standaardsjablonen, wordt het vooral gebruikt voor herhalende betalingen.
- E-fulfilment E-fulfilment is fulfilment die specifiek gericht is op webwinkels en e-commerce. In feite betekent dit gewoon dat de online bestelde producten ook daadwerkelijk bij de klant aankomen en dat de logistiek dienstverlener het gehele logistieke proces op zich neemt.
- Emballage De verpakking of omhulsel van goederen zoals een krat, een fles of plastic.
- Entrepot Een opslagplaats voor nog niet ingeklaarde goederen die wel aan invoerrechten onderhevig zijn. Lees meer over douane- en invoerrechten.
- Europallet Standaardpallet met het formaat 120 x 80 centimeter.
- Expediteur De organisator van het verzenden van goederen tussen de verlader en de daadwerkelijke vervoerder of transporteur. De expediteur regelt het transport voor zijn klant. Het regelen van transport door middel van charters van A naar B heet expeditie.
- FCL (Full Container Load) Als één partij genoeg goederen aanbiedt om een complete container te vullen, wordt er gesproken van een “Full Container Load”, oftewel een volle container. Lees meer over FCL en LCL.
- FTL (Full Truck Load) Dit wordt ook wel een “complete lading” of “volledige lading” genoemd. Hierbij is een vrachtwagen volledig gevuld met een lading die naar één ontvangeer wordt vervoerd. Lees meer over FTL en LTL.
- Gecombineerd goederenvervoer Intermodaal goederenvervoer waarbij het grootste deel van het traject per spoor, over het binnenwater of over zee wordt afgelegd. Dit is om ervoor te zorgen dat de eerste en/of laatste etappes van het traject die over het land moeten door middel van wegtransport zo kort mogelijk zijn. Het wordt gecombineerd goederenvervoer genoemd om het vervoer in principe een combinatie is van verschillende type voertuigen.
- Geconditioneerd voertuig Bepaalde delicate goederen zoals planten en levensmiddelen moeten vervoerd worden op een bepaalde temperatuur. Hiervoor is het zogeheten “thermotransport”. Dit is een trailer waarbij de temperatuur vastgesteld is waardoor de goederen op de juiste temperatuur blijven. Er zijn trailers voor koeltransport, maar er zijn ook trailers waarbij de trailer warmer is dan dat het buiten is.
- Gevaarlijke stoffen Voor het vervoeren van gevaarlijke stoffen gelden bepaalde regels voor zowel de opdrachtgever als de transporteur. Er zijn verschillende soorten gevaarlijke stoffen welke zijn onderverdeeld in negen categorieën: springstoffen, gassen, brandbare vloeistoffen, brandbare vaste stoffen, oxiderende stoffen, giftige en besmettelijke stoffen, radioactief materiaal, corrosieve stoffen en diverse of overige gevaarlijke stoffen en voorwerpen. Lees meer over gevaarlijke stoffen en het vervoer hiervan.
- Groupagerit / Groupagevervoer Hoewel er geen officiële benaming voor is, betekent groupagevervoer net zoveel als “het vervoer van samengevoegde zendingen, in het algemeen afkomstig van meerdere verzenders naar meerdere ontvangers”. Anders gezegd: bij groupagevervoer worden de pakketten en/of pallets van meerdere partijen in één vrachtwagentrailer vervoerd om zo tot een volle(re) trailer te komen en hiermee te besparen op de transportkosten. Lees meer over groepagevervoer.
- IBC (Intermediate Bulk Container) Veelal metalen containers die gebruikt worden als tussenvorm tussen vaten en bulktransport (vrachtwagentransport, zeecontainer of boottransport). De IBC’s zijn nog verplaatsbaar met vorkheftrucks of pompwagentjes maar zijn niet op te tillen met de hand.
- Intermodaal goederenvervoer Een combinatie van verschillende modaliteiten, zoals zeevracht en wegtransport, in dezelfde intermodale transporteenheid, met opeenvolgende vervoerssoorten zonder dat bij de verandering van de vervoerswijze de goederen zelf worden verplaatst. De goederen blijven bijvoorbeeld gedurende het hele transport in dezelfde container zitten. Deze container wordt gedurende de rit niet geopend. Lees meer over intermodaal transport.
- Kooiaap / meeneemheftruck Een zogenaamde “meeneemheftruck” die bijvoorbeeld gemonteerd is op een trailer of oplegger. Kooiapen worden vooral gebruikt voor bouwplaatsleveringen waar het bijvoorbeeld niet mogelijk is om met zware en/of grote vrachtwagens te komen.
- Laadeenheid Een gestandaardiseerde eenheid waarin een lading vervoerd kan worden. Voorbeelden hiervan zijn container, wissellaadbakken en pallets.
- LDM (laadmeter) Een standaardmaat in het wegvervoer. Een laadmeter is 1 meter van de laadruimte van een vrachtwagen in de lengte. Door de breedte van een vrachtwagen van 2,40 meter komt 1 laadmeter overeen met 2,4 vierkante meter (2,40 meter breedte x 1 meter lengte).
- Lean and green Een stimuleringsprogramma voor bedrijven en overheid dat wordt uitgevoerd door Connekt. Het stimuleert organisaties om te groeien naar een hoger duurzaamheidsniveau, door maatregelen te nemen die niet alleen kostenbesparingen opleveren, maar tegelijkertijd het bedrijf duurzamer maken. Als een organisatie met een Plan van Aanpak kan aantonen dat zij 20% CO2-reductie kan behalen in vijf jaar tijd, komt de organisatie in aanmerking voor de Lean and Green Award. Organisaties de doelstelling daadwerkelijk hebben gerealiseerd, ontvangen de Lean and Green Star als symbool voor het bereiken van hun Lean and Greenambitie. Lees meer over de Lean and Green Award en Star van HST Groep.
- Lengtegoederen Lange objecten die vanwege hun omtrek niet binnen de standaard collo of colli mogen vallen, worden lengtegoederen of “bundels” genoemd. Een voorbeeld van lengtegoederen zijn buizen, kokers en ladders.
- Loods Synoniem voor magazijn of warehouse dat dient als opslagplaats.
- Losplaats De plaats waar de goederen van een vrachtwagen zijn uitgeladen of gelost.
- LTL (Less than Truck Load) Wanneer één zending of één vracht niet voldoende is om een vrachtwagen volledig of bijna volledig mee te vullen, heet dit “Less than Truck Load”.
- MAUT Tol voor vrachtwagens in Duisland, Zwitserland en Oostenrijk.
- Multimodaal (goederenvervoer) Bij multimodaal transport worden verschillende modaliteiten/transporttypen gebruikt, maar worden die gedekt door hetzelfde document.
- Oplegger Wegvoertuig voor goederenvervoer zonder vooras. Een oplegger is zo ontworpen dat een gedeelte van het voertuig en een groot gedeelte van de lading op de trekker voor het wegverkeer rusten. De oplegger dient zijn naam aan zijn functionaliteit: de oplegger is in principe een trailer zonder wielen aan de voorkant en wordt op de trekker gelegd (aangekoppeld).
- Orderpicken / orderverzamelen Het verzamelen van goederen aan de hand van orders en orderlijsten (picklijsten).
- Overslag Het moment waarop de goederen van de ene vervoersmodaliteit op de andere worden overgezet of overgebracht.
- Pallet Verhoogd platform om het tillen (liften) en stapelen van goederen gemakkelijker te maken. Pallets zijn meestal van hout gemaakt en hebben veelal de afmeting: 100 x 120 cm (blokpallet) of 80 x 120 cm (europallet).
- Palletplaats Opslagruimte in het magazijn of in de loods ter grootte van één pallet. Met name voor het opslaan van grote en/of zware goederen, wordt er gesproken over palletplaatsen in plaats van vierkante of kubieke meters.
- Synchromodaal transport Hierbij worden verschillende transportmodaliteiten optimaal en zo duurzaam mogelijk ingezet.
- Track & trace Met track & tracesystemen kunnen transportbedrijven op basis van de GPS in de wagens op afstand volgen. Hierdoor kan een (verwachte) aankomsttijd worden doorgegeven aan de verzender en de ontvanger van de zendingen.
- Trailer De aanhanger (of oplegger) van een vrachtwagen/trekker.
- Uitvoer Goederen die in Nederland zijn voortgebracht of gemaakt en naar het buitenland worden geëxporteerd.
- VAL (Value Added Logistics) Aanvullende warehousingactiviteiten zoals het verpakken, ompakken of krimpsealen van artikelen die staan opgeslagen. Een voorbeeld van Value Added Logistics is de displayservice van HST. Lees meer over VAL-activiteiten.
- Verlader Een partij die zijn lading door een vervoerder laat transporteren; m.a.w. de klant van de logistiek dienstverlener.
- Vrachtbrief De vastlegging van de overeenkomst omtrent het goederenvervoer. De verlader/opdrachtgever komt met de transporteur overeen dat de vervoerder een bepaalde lading in ontvangst neemt en deze vervoert naar het losadres waar de lading naartoe moet (naar de geadresseerde). Op de vrachtbrief staan de gegevens die nodig zijn om de overeenkomst uit te voeren. De vrachtbrief moet altijd in het voertuig aanwezig zijn tijdens het transport.
- Warehouse Gebouw waarin goederen worden opgeslagen, goederen worden overgeladen naar een ander transportmiddel of waar VAL-activiteiten worden uitgevoerd.
- Wederuitvoer Goederen die door Nederlandse distributiecentra worden ingeklaard en uitgeleverd aan andere landen. In tegenstelling tot de doorvoer, maakt wederuitvoer wel deel uit van de invoer en uitvoer omdat ze na binnenkomst in Nederland (tijdelijk) eigendom zijn geweest van een inwoner.